De eerste spoorlijn In Twente (2)

Historische Kring Wederden

Het station in Wierden, waarbij de trein uit richting Almelo zojuist is gearriveerd.

Het eerste stationsgebouw van Wierden

Het eerste stationsgebouw van Wierden werd in juni 1879 aanbesteed met als geplande opleverdatum 1 oktober 1880. Om voldoende ruimte te creëren voor een stationsgebouw met bijbehorend emplacement moesten de Vriezenveenseweg en de Zwolseweg worden onderbroken en verlegd. Het hoofdgebouw met bagagelokaal, wachtkamers voor eerste, tweede en derde klasse passagiers en een dienstwoning werd gebouwd net ten westen van het huidige stationsgebouw. De wachtkamer derde klasse zou later worden ingericht als vervangende 'goederenloods'. Het ontwerp van het gebouw was hetzelfde als het stationsgebouw van Hellendoorn-Nijverdal en een vergrote vorm van het gebouw te Heino. Ook werden een goederenbergplaats (met overhangende kap) met verhoogde los- en laadplaats, een toiletgebouw (retirade) en een 23 meter lange veelading gerealiseerd. Kort na de ingebruikname - medio 1882 - werd nog een tussenperron van honderd meter lengte aangelegd. Voor het laden en lossen beschikte Wierden over een losspoor; alhier werden uiteenlopende goederen overgeladen, variërend van kolen, veevoeder, (slacht)vee ten behoeve van 'NV Wierdensche Exportslachterij & Veehandel' en Enterse ganzen. De gaanzendriewers zullen ongetwijfeld content geweest zijn met de mogelijkheid om hun ganzen per trein te vervoeren, want voorheen moest men de ganzen die voor de export bestemd waren te voet naar de haven van Rotterdam drijven!

En wie herinnert zich niet de laatste trein uit Zwolle die na de marktdag rond middernacht een wagon met koeien te Wierden achterliet? Volgens L.A. Versteege (in 1969) verliepen de ritten van en naar Zwolle trouwens lange tijd verre van comfortabel: “Meer dan lokaal verkeer heeft de lijn, die voor de tweede wereldoorlog lange tijd berucht was om zijn korte spoorstaven en het verouderde (S.S.) rijtuigmaterieel dat hier zijn laatste dagen sleet, bij mijn weten nooit gekend.” De korte spoorstaven zorgden niet alleen voor het bekende 'kedeng-kedeng'-geluid, maar waren ook verantwoordelijk voor verminderd comfort en relatief veel slijtage aan de wielen. Uit het archief van G. Teunis, een brandstoffenhandelaar uit Wierden die sinds 1922 een gedeelte van het emplacement huurde, blijkt hoe de berichtgeving over goederenvervoer in de praktijk verliep. Te verzenden wagons moesten twee dagen van te voren aangemeld worden in Almelo; als er wagons waren aangekomen werd dat uiterlijk 9.30 uur telefonisch doorgegeven vanuit Almelo. Plaatsing was rond 12:45 uur. Begin jaren zeventig stegen de huurprijzen explosief, vanwege de stijging van de loonkosten bij de NS en de daling in het vervoer van brandstoffen uit Limburg. Veel laad- en losplaatsen werden gesloten maar Wierden ontsprong (voorlopig) de dans. Aan het eind van de jaren zeventig verkleinde Teunis de gehuurde oppervlakte van 288 vierkante meter naar 162 vierkante meter. Medegebruikers waren op dat moment firma L. de Haas (De Kroon) uit Almelo, firma Koudijs (veevoeder) en de firma Oonk. In 1981 zegde Teunis de huur op en stuurde hij een keurige bedankbrief naar de Nederlandse Spoorwegen. Het losspoor werd uiteindelijk in 1986 buiten gebruik gesteld.

Cees Hoogendijk