Geschiedenis van de Landbouwschool Wierden

Historische Kring Wederden

De Landbouwschool zoals het in 1954 is gebouwd. Zie ook de 'boerenvlechting' in het metselwerk. Dit ter afwerking van de schuine muren.

In 1943 werd in Wierden een Landbouwschool opgericht. Daar het oorlog was mocht het alleen een Rijksschool worden en vandaar dat de officiële naam 'Rijks Lagere Landbouw School' werd. De eerste lessen werden gegeven op 3 november 1943 in een uitbouw van een café aan de Nijverdalseweg, het huidige Café Hek. De heer Tick was toen de enige leraar en dus ook hoofd van de school. Er waren ongeveer twintig leerlingen. Deze hadden in het eerste jaar tien lesuren in de week en het tweede en derde jaar slechts vijf lesuren. In januari 1946 kwam de school onder de O.L.M. te vallen en ging toen verder onder de naam Algemene Lagere Landbouwschool op Christelijke grondslag. Het doel was toen 'het bevorderen van het landbouw en landbouwhuishoudelijkonderwijs'. Er waren in dat jaar 54 leerlingen, die ook allen slaagden.

In het cursusjaar 1947 – 1948 kwam er een nieuw hoofd, de heer Jonker. Er werd les gegeven in Nederlandse taal, rekenen, aardrijkskunde, boekhouden en bedrijfsleer en in de praktijkvakken kennis van de grond, grondbemesting, grondverbetering, bemestingsleer, veeteelt en veevoeding en zuivelbereiding. Al deze vakken werden door het hoofd gegeven en pas in het schooljaar 1950 – 1951 kwam er een tweede leraar, Albert Dijkstra, bij. De leerlingen hadden toen 29 lesuren per week in de eerste vier leerjaren met 86 leerlingen.
Tot 1953 was de school nog steeds gevestigd in het cafézaaltje aan de Nijverdalsestraat. Echter op 20 maart 1953 heeft het gemeentebestuur een modern schoolgebouw overgedragen aan het schoolbestuur aan de Grote Maatweg 4. Hier waren twee lokalen voor twee leraren beschikbaar, de heren Jonker en de Vos. Per 1 januari 1954 kwam er een nieuw hoofd de heer Van de Westheringh. Het aantal leerlingen schommelde in de beginjaren vijftig rond de zestig à zeventig leerlingen. Het schoolgeld bedroeg toen vijftien gulden per jaar. Ondanks dit lage bedrag werden er in die tijd reeds allerlei excursies gemaakt, onder andere naar de veemarkt in Leeuwarden een vermeerderingsbedrijf, een fokveebedrijf, naar de kop van Overijssel, Aalsmeer en Schiphol. Met medewerking van de Coöperatieve Zuivelfabriek werd er toen aan de leerlingen de gelegenheid gegeven tot het behalen van het melkdiploma.

Er werd in die tijd nog geen officieel examen afgelegd, maar er werd een 'eindles' gehouden. Aanwezig waren dan de burgemeester, de voorzitter van het bestuur, enkele mensen van de Commissie van Toezicht, waaronder voorzitter Kippers, het hoofd der school ouders en andere belangstellenden. Het hoofd stelde een uur lang vragen aan de leerlingen van de vierde klas, waarna de burgemeester de diploma’s uitreikte. Deze waren reeds van tevoren ingevuld, omdat iedereen slaagde.

Aan het eind van de vijftiger jaren liep het aantal leerlingen snel op. Dat kwam mede doordat de Landbouwschool in Den Ham dicht ging. Verschillende nieuwe leraren kwamen de gelederen versterken, waaronder de heer Edinga en De Vries, die later directeur zou worden. Doordat de school maar twee lokalen bezat en wel honderd leerlingen werd het gebouw duidelijk te klein. Enkele vakken zoals landbouw praktijkles, paardengebruik en gymnastiek werden niet gegeven vanwege ruimtegebrek. Andere daarentegen werden gegeven op plekken die totaal ongeschikt waren. Zo werd handvaardigheid en timmeren gegeven in een oud, afgekeurd schoollokaal aan de Stationsstraat en het praktijkonderwijs in een oude kolenbergplaats aan de Nijverdalsestraat.
Plannen voor nieuwbouw waren er wel, maar daarover een andere keer.