Herman Mensink 25 jaar doodgraver

Historische Kring Wederden

Herman Mensink, gestoken in het pak dat hij altijd droeg bij de begrafenisplechtigheden.

Uit de krant van 1 december 1977

Het beroep van doodgraver is sinds jaar en dag omgeven met een zekere geheimzinnigheid. Over het werk van een doodgraver wordt niet zo vaak gesproken als over het werk van een fabrieksarbeider bijvoorbeeld. De oorzaak moet worden gezocht in het feit, dat de dood en wat daarmee te maken heeft ver van de mensen afstaat. Daar praat je niet over. En taboe dus.

Herman Mensink, 44 jaar in 1977 en doodgraver in Wierden, zegt peinzend dat hij zijn werk als een gewone baan beschouwt. Half november 1977 was het exact 25 jaar geleden dat Mensink doodgraver werd. Solliciteren hoefde niet, want zijn vader en grootvader waren ook al doodgraver geweest. Volgens Herman is het in het jaar 1977 een eeuw geleden dat zijn grootvader doodgraver werd. In die tijd was het een kleine bijverdienste. Het was logisch dat een boer, die in de buurt van de begraafplaats woonde, ook doodgraver was, weet Herman te vertellen. “Toen in 1977 doodgraver Kleinbrinke overleed, nam mijn grootvader het over.”
De familie Mensink had indertijd een boerderij op de hoek van de Kerkhofstraat en de Dikkensweg. Aan het eind van de jaren zestig moest de boerderij plaats maken voor parkeerterrein ten behoeve van de bezoekers van de Sporthal 'n Dikken die toen werd gebouwd. In die tijd verhuisde de familie Mensink naar de Erve Kielweg, het huidige pand op de Klomphof.

Het was de normaalste zaak van de wereld dat Herman bij het overlijden van zijn vader de grafspade overnam. Hij was toen 21 jaar en waarschijnlijk de jongste doodgraver in Nederland. Maar de leeftijd doet er niet zoveel toe, meent Herman en dat zal best als je er zo je eigen redenen voor hebt om graven te maken. War volgens Herman wel toe doet is de lichamelijke gesteldheid. Een ijzeren conditie is een vereiste. “Wat dacht je als je de hele dag polderen moe”, maakt hij quasi-geïrriteerd duidelijk. Hij voegt er met enige trots aan toe dat hij in de afgelopen 25 jaar nog geen uur ziek is geweest.

In totaal begroef de Wierdense doodgraver al 1365 mensen. Hoeveel er dat in zijn hele loopbaan zijn geworden zegt de historie niet jammer genoeg. Lange tijd op de begraafplaats aan de Appelhofstraat, maar sinds januari 1974 op de Algemene begraafplaats aan de Vriezenveenseweg.
Als je hem hoort praten komt de gedachte op dat het voor Herman een routineklus is om een graf te graven. Dat spreekt hij niet tegen. Voor elk graf zegt hij bijna anderhalve dag uit te trekken. “Een graf maken kost vijf en een half uur, het dichtgooien twee uur en voor alles wat er zo bijkomt heb ik een halve werkdag nodig”. Die nog uitlegt dat voor een graf met bekisting 3,8 m³ grond moet worden uitgegraven. Zonder bekisting hoeft er slechts 2,5 m³ zand te worden verzet. Ik graaf zo steil mogelijk, op het laatst moet ik er met de ladder in, want een normaal graf is 1,90 meter, of voor meerdere personen zelfs 2,40 meter diep.

Er is in de afgelopen 25 jaar dat Herman regelmatig staat waar anderen liggen nogal het één en ander veranderd. Om te beginnen het aantal begrafenissen. Vroeger misschien vijftien tot twintig per jaar de afgelopen twee jaar steeds rond de 75. Voorts was de kindersterfte vroeger veel groter dan nu. Anno 2017 wordt het geheel machinaal verzorgd en heeft de gemeente heeft de taak van Herman overgenomen.

Herman Mensink is overleden op 13 juni 2003 en begraven op de Algemene begraafplaats aan de Vriezenveenseweg.