Twee heerlijke ouderwetse recepturen

Historische Kring Wederden

Boerenmeisjes
Boerenmeisjes is de benaming voor een ouderwets alcoholisch 'drankje'. Het werd gemaakt door abrikozen in te leggen en te bewaren in brandewijn. Dit was vroeger, zo rond 1950, dé manier om vruchten te conserveren. Het wordt nu vooral nog in Twente, Groningen en Drenthe geconsumeerd. De 'mannelijke' tegenhanger heet Boerenjongens; deze wordt gemaakt met rozijnen.

Benodigdheden:
- 1 glazen pot met wijde hals
- 4 dl. water
- 200 gr. gedroogde abrikozen
- 250 gr. kandijsuiker
- schil van een halve citroen
- ½ liter brandewijn

Bereiding:
De abrikozen afspoelen. Doe ze in een pan met 4 dl. water en voeg de kandijsuiker toe. Laat dit 24 uur weken. Breng de pan met inhoud aan de kook (niet koken!) en laat de abrikozen nog drie minuten wellen.
Schep de abrikozen uit het vocht en laat ze uitlekken. Daarna in de pot doen.
Kook het welvocht 4 minuten op hoog vuur in en laat het daarna afkoelen. Voeg dan de citroenschil en de brandewijn toe. Goed doorroeren en op de abrikozen gieten. Zet de pot minimaal vier weken op een donkeren plaats. Verwijder voor het gebruik eerst even de schil.

Boerenjongens
– 500 gram rozijnen
– 2.5 dl. water
– 1 stukje pijpkaneel
– 250 gram suiker
– 1 vanillestokje
– 3/4 liter brandewijn (van circa 40% alcohol)
– 1 glazen stopfles of glazen weckpot.

Bereiding:
De rozijnen ontdoen van steeltjes en wassen. Breng water aan de kook. De suiker in het vocht oplossen. Neem de pan van het vuur en doe onmiddellijk de rozijnen in het suikerstroopje, zodat ze kunnen wellen. Voeg pijpkaneel en vanillestokje toe en sluit de pan met het deksel. Laat dit alles 24 uur staan. Doe nu alles over in de schoongemaakte stopfles en schenk de brandewijn hierbij. Na een tot twee maanden te gebruiken, echter hoe langer het staat hoe lekkerder.