Het oale geet hen, het nieje kump an (3)

Algemeen

De eerste uitbreidingsplannen van Enter gelegen in het gebied tussen Rijssenseweg, Stationsweg en Disselsweg.

Enter moest een andere weg inslaan om zich te ontwikkelen, nu was gebleken dat verdere industrialisatie niet mogelijk was. Ook de klompenindustrie liep op zijn eind. Begin jaren vijftig zou in Goor een Ambachtschool gesticht worden. Burgemeester Maaldrink van Wierden probeerde samen met burgemeester Vlam van Goor, naast een timmer- en metaalcursus, een cursus klompenmaken verbonden te krijgen aan deze school. Het Ministerie van Onderwijs gaf hier geen toestemming voor. Een andere wens van Plaatselijk belang Enter ging wel in vervulling. De wegen naar Goor, Rijssen en Wierden werden vernieuwd of sterk verbeterd.

Toen G.J. Beltman – hoofd van de O.L. School en grote inspirator van Plaatselijk Belang – in 1957 overleed verwaterde de boel een beetje. In 1960 kwam Rob Veldhuyzen van Zanten in de praktijk van zijn vader. De 'jonge dokter' zette zich in om Plaatselijk Belang nieuw leven in te blazen. Er werd een nieuw voorlopig bestuur samengesteld waarvan Rob de voorzitter werd. Er kwam een werkcommissie voor culturele zaken en ontspanning en een commissie voor pensiongasten en vreemdelingenverkeer.

In Goor werd in 1960 het textielverzendhuis 'De Postduif' geopend. Dit was een nevenbedrijf van de textielgroep Twente. Het bedrijf had een vliegende start en al snel meer dan tweehonderd jonge meisjes in dienst. Van de honderd meisjes die bij Smits in Enter werkten gingen er in korte tijd zestig naar De Postduif. Het gevolg was dat bij Smits twee van de drie lopende banden stilstonden.
Op 3 oktober 1961 werd er, onder leiding van de heer Maaskant van het Oversticht in Zwolle, een excursie per bus naar Roden in Groningen gehouden, om daar de dorpsontwikkeling te bekijken en na een lunch op de terugweg werd Dedemsvaart bekeken. Het bestuur van Plaatselijk Belang en het College van B&W waren ook mee geweest. In Roden werden ze ontvangen door de burgemeester die vertelde over de ontwikkeling van het dorp om daarna het dorp te laten liet zien.

Op 30 januari 1962 hield Plaatselijk Belang een vergadering bij de Adelaar, waarvoor vele instanties waren uitgenodigd, waaronder het college, de Enterse raadsleden en provinciale instanties. Dit alles onder het motto 'Het aanzicht en de toekomst van Enter'. Als spreker was uitgenodigd de heer Maaskant, directeur van de provinciale vereniging Het Oversticht te Zwolle. Met gebruik van vele dia’s , in kleur en zwart wit, die Het Oversticht van het oude en nieuwe Enter had laten maken, vertelde hij hoe de ontwikkeling van Enter tot dusverre was geweest en hoe die in de toekomst zou kunnen verlopen. De zaal van De Adelaar was afgeladen vol. De discussie waarvoor plaats was na de lezing was fel. De vrijheid die de Enternaar verlangde bij het bouwen, botste met de dwingende architectonische voorschriften van Het Oversticht (in de wandelgangen de Schoonheidscommissie genoemd).
Op deze vergadering was een vreemde eend in de bijt aanwezig. Dat was Piet Schalk, een kruidenier uit Lisse. Piet was het kruideniersbestaan zat en had plannen om ergens een camping te beginnen. Zijn broer, die in Almelo woonde en werkte, had hem op Enter attent gemaakt. Daar was nog geen camping en de heer Schalk had besloten er eens te gaan kijken vandaar zijn aanwezigheid op deze vergadering.

Hoe het Piet Schalk verging bij de verwezenlijking van zijn plannen, lezen we de volgende keer.

Johan Altena.